Begin met de bestaande situatie
Controleer hoeveel ventilatiepunten al aanwezig zijn en of ze daadwerkelijk open zijn. Oude kokers kunnen verstopt zijn met zand, isolatiemateriaal of vuil. Ook kan een uitbreiding van de woning ervoor zorgen dat een vroeger buitenliggende opening nu nergens meer op uitkomt.
De positie bepaalt de werking
Nieuwe punten worden zo gekozen dat verschillende delen van de kruipruimte kunnen worden bereikt. Een opening moet niet alleen technisch geboord kunnen worden, maar ook op een bruikbare plek in de kruipruimte uitkomen. Funderingsmuren en compartimenten zijn daarom belangrijke informatie.
Boren vanaf de buitengevel
Bij veel woningen wordt vanaf buiten schuin naar de kruipruimte geboord. De exacte hoek en boormaat hangen af van gevel, maaiveld en gekozen koker of rooster. Vooraf moet duidelijk zijn dat de uitkomst in de kruipruimte vrij ligt en niet op een leiding, balk of ander obstakel terechtkomt.
Maaiveld en koekoekventilatie
Ligt de kruipruimte laag ten opzichte van straat of tuin, dan kan een rechte uitmonding te dicht bij de grond komen. In zo’n situatie kan een koekoek of ventilatieschacht een betere luchtweg geven. Dit moet per gevel worden beoordeeld, omdat bestrating, geveldetails en regenbelasting verschillen.
Vocht, water en verwachtingen
Ventilatie is bedoeld voor luchtverversing. Bij zichtbaar water moet daarnaast worden onderzocht waar dat water vandaan komt. Grondwater, een lekkage en hemelwater vragen ieder om een andere aanpak. Het is beter om de oorzaak en ventilatie gezamenlijk te beoordelen dan alleen extra gaten te laten maken.
Aanvraag voorbereiden
Stuur foto’s van buitengevel en kruipruimte, vermeld bestaande roosters en geef aan of de woning is geïsoleerd. Een eenvoudige schets met funderingswanden kan bij grotere of opgedeelde kruipruimtes veel duidelijkheid geven.
Kruipruimteventilatie laten beoordelen?
Stuur postcode, foto’s van gevel en kruipruimte en een korte omschrijving van vocht, geur of bestaande roosters. Zo kan Drillpro gericht beoordelen welke luchtweg of boring zinvol is.
gegevens
foto's toe
snel reactie
Van gevelrooster naar echte luchtstroom
Bij het aanbrengen van ventilatie is het verleidelijk om alleen te kijken waar aan de buitenkant ruimte is. De beste positie volgt echter uit de complete route onder de vloer. Funderingswanden, lage doorgangen en aanbouwen kunnen maken dat een ogenschijnlijk goed rooster maar één klein vak ventileert.

Eerst bestaande ventilatie herstellen
Controleer of oude openingen zijn dichtgezet door bestrating, isolatie of een verbouwing. Soms levert het vrijmaken van een bestaande koker meer op dan een nieuwe opening ernaast. Lees meer over geblokkeerde ventilatieroosters.
Na plaatsing opnieuw kijken
Controleer of de nieuwe opening binnen vrij uitkomt en niet achter isolatiemateriaal of leidingen eindigt. Bij twee of meer nieuwe gaten is de huidige Drillpro-actie met een gratis visuele inspectie van de bereikbare kruipruimte relevant.
Hoe wordt een logisch ventilatieplan opgebouwd?
Begin met de plattegrond van de woning en teken de funderingslijnen. Markeer bestaande openingen en noteer waar de kruipruimte door funderingsmuren wordt onderbroken. Daarna wordt bepaald waar buitenlucht kan binnenkomen en waar die de ruimte weer kan verlaten. Het doel is niet zoveel mogelijk gaten, maar een route die zoveel mogelijk volume bereikt.
Bij een aanbouw of gesloten funderingsvak kan een interne doorgang nodig zijn. Bij hoog maaiveld kan juist een opgaande koekoek de buitenopening op de juiste hoogte brengen. Daardoor kan hetzelfde ventilatieplan per gevel een andere uitvoering hebben.
Afwerking en onderhoud horen bij de installatie
Een ventilatierooster moet stevig, vrij en controleerbaar blijven. Na plaatsing hoort het gaas niet tegen aarde of isolatie te zitten. Controleer roosters later opnieuw na tuinwerk, gevelschilderwerk of isolatie.
Checklist voor een bruikbare beoordeling
Maak eerst een overzicht van de hele situatie in plaats van alleen een close-up van het probleem. Fotografeer de voor- en achtergevel, aanwezige roosters, het kruipluik en de bereikbare ruimte onder de vloer. Noteer of het probleem sterker is na regen, bij warm weer of juist in de winter. Vermeld ook of er recent vloerisolatie, een aanbouw, nieuw straatwerk of leidingwerk is uitgevoerd.
Geef bij voorkeur aan waar funderingswanden lopen en of alle delen van de kruipruimte onderling bereikbaar zijn. Een eenvoudige schets met de positie van roosters is vaak voldoende om te zien of lucht van de ene naar de andere zijde kan stromen. Zijn er meetwaarden, noteer dan temperatuur en luchtvochtigheid samen en vermeld de meetplaats. Met die combinatie kan beter worden bepaald of een extra ventilatiepunt, een doorgang, herstel van een bestaand rooster of eerst een andere maatregel logisch is.
Voor meer specifieke situaties staat op de kruipruimte ventilatie kennisbank een overzicht van bodemvocht, grondwater, roosters, vloerisolatie, houtrot, condens, geur en ventilatie na verbouwing.
Veelgestelde vragen
Kan kruipruimteventilatie achteraf worden aangebracht?
Ja, bij veel bestaande woningen kunnen extra ventilatiepunten achteraf worden aangebracht.
Moet er altijd aan twee gevels ventilatie zijn?
De luchtweg moet door de relevante delen van de kruipruimte lopen; meerdere zijden kunnen daarbij helpen.
Is ventilatie genoeg bij water op de bodem?
Niet altijd. De bron van het water moet afzonderlijk worden beoordeeld.

Kruipruimteventilatie aanbrengen
Vocht in kruipruimte condens en hoge luchtvochtigheid?
Ventilatie met inspectie: actie en voorwaarden